Terugblik op het jubileumsymposium ‘De meerwaarde van natuuronderzoek met vrijwilligers’

Op 18 april 2026 troffen zo’n 50 geïnteresseerden elkaar bij het Natuurmuseum Brabant in Tilburg voor het symposium ‘De meerwaarde van natuuronderzoek met vrijwilligers’, georganiseerd door Natuurvereniging KNNV. Met vier interessante lezingen en een gezellige borrel naderhand vloog de middag voorbij.

Een verdieping in natuuronderzoek

Zowel als vrijwilligers als professional in de wereld van natuurbehoud staat natuuronderzoek centraal. Hoe voer je een goed onderzoek uit, en wat levert het op als je meerdere jaren achter elkaar hetzelfde gebied of dezelfde soort monitort? Kunnen we leren van onderzoekers die al jaar en dag het veld in trekken, of moeten we ons meer verdiepen in opkomende technologie? En hoe breng je diverse vrijwilligers/onderzoekers samen, als ze vooral oog hebben voor één specifieke soortgroep?

Paul van Wielink van de KNNV afdeling Tilburg, Menno van Lopik van Stichting het Zuid-Hollands Landschap, Arie van den Bremer van KNNV afdeling Amersfoort en Eelke Jongejans van de Radboud Universiteit wisten elk op hun eigen manier antwoord te geven op deze vragen. En het mooie is, soms schuren die antwoorden. Dan blijkt dat een spreker zegt dat het juist erg lastig om werkgroepen met elkaar te verbinden, terwijl dit voor een andere spreker juist vanzelfsprekend is. Tijdens de lezingen, maar vooral ook tijdens het vragen stellen, wisten de bezoekers deze spanningsvelden nog verder te ontdekken, en juist daaruit komen nieuwe ideeën.

Paul van Wielink

Paul van Wielink trapte het symposium af met een indrukwekkend verhaal over het langdurige onderzoek in de Kaaistoep, Tilburg. Paul en zijn team spendeerden de afgelopen 30 jaar een duizelingwekkend aantal uren aan het onderzoeken van onder andere de insecten in de Kaaistoep, en met resultaat: ze wisten de enorme afname van insecten te kwantificeren. Daarnaast publiceerden ze het boek “De Kaaistoep: het beste onderzochte stuk natuur in Nederland”. Dankzij de vastgelegde informatie kwam de Kaaistoep wereldwijd op de kaart te staan én hebben we nu voor altijd data waar we meer van kunnen leren.

Menno van Lopik

Menno van Lopik, regiobeheerder bij Stichting het Zuid-Hollands Landschap, dook diep in de moerasgamander, een bijzondere plant die voorkomt in de Voornes Duin. Dankzij Menno’s verhaal werd het glashelder dat langdurig onderzoek zeer waardevol is voor het beschermen van een soort. Maar ook het belang van vrijwilligers werd nogmaals aangestipt, omdat zij al jarenlang beheerders helpen met het monitoren van de populatie. Waar de moerasgamander enkele tientallen jaren geleden namelijk rijkelijk voorkwam, is het tegenwoordig zoeken naar individuen. Waar komen dergelijke verschillen vandaan, en waar groeit de moerasgamander nu het best? Onderzoeken om deze vragen te beantwoorden zijn nog in volle gang.

Arie van den Bremer

Al meerdere jaren weet Arie van den Bremer alle Amersfoortse KNNV werkgroepen bij elkaar te brengen op één adoptieterrein. Gedurende een jaar inventariseren ze het hele gebied, met interessante rapporten voor terreinbeheerders als gevolg. Maar hoe repliceer je dat nu? Kunnen andere KNNV afdelingen ook starten met adoptieterreinen? Het antwoord: ja! En KNNV Woerden staat dankzij de waardevolle informatie al in de startblokken om te beginnen.

Eelke Jongejans

In tegenstelling tot de vele manuren die Paul van Wielink in de Kaaistoep stopte, liet Eelke ons zien hoe we de ontwikkelingen van technologie tegenwoordig kunnen omarmen en als steuntje in de rug kunnen gebruiken voor monitoring en inventarisaties. Van passief akoestische monitoring voor vogels tot het gebruik van een Diopsis camera om meer te weten te komen over insecten, het kwam allemaal naar voren. En we hoeven ons als vrijwilliger nog zeker geen zorgen te maken dat de technologie het allemaal volledig overneemt; menselijke kennis én vlieguren zijn nog steeds van cruciaal belang om een onderzoek te laten slagen.

Met dank aan Natuurmuseum Brabant voor het ter beschikking stellen van de zalen, en alle medewerking bij de facilitaire zaken.

Dit symposium en het KNNV 125e jubileumjaar worden mede mogelijk gemaakt door: